Koos Landwehr - kind van de natuur en kunstenaar

Koos Landwehr (1911 – 1996) is bij vele Oaselezers geen onbekende. De naam Landwehr is onverbrekelijk verbonden aan de vele mooie heemparken in Amstelveen en aan zijn fraai geïlllustreerde boekwerken zoals de twee delen Wilde orchideeën van Europa, de Atlas van de Nederlandse grassen en de Atlas van de Nederlandse bladmossen. En dan te bedenken dat dit alles voortkwam uit iemand die niet meer onderwijs dan de lagere school en de vakopleiding voor de bloemisterij en het hoveniersvak had genoten. Landwehr was een echte autodidact zoals we kunnen lezen in de pas verschenen biografie door Hein Koningen. Hij was een autodidact op vele terreinen. Zo leerde hij zichzelf tekenen en schilderen en verwierf door zelfstudie een grote kennis van onze wilde flora. Niet alleen de hogere planten, maar ook blad-, lever- en hauwmossen. Hij verdiepte zich in de plantenecologie en ontwikkelde een methode om wilde planten in tuinen en parken toe te passen.
Na de lagere school werkte Landwehr eerst bij groenten- en bloemenkwekers alvorens hij een eigen kwekerij in Amstelveen begon. In de moeilijke crisisjaren was het een uitkomst toen hij in 1938 als tuinman bij de gemeentelijke Plantsoenendienst kon gaan werken waar C.P. Broerse directeur was. Broerse was al begonnen met het toepassen van wilde planten in tuinen en parken. De uitgebreide plantenkennis van Landwehr kwam dus goed van pas en door het werk van beiden zijn veel heemparken ontstaan. In een hoek van het Braakpark (later omgedoopt tot Dr. Koos Landwehrpark) begon Landwehr al spoedig een kwekerij van wilde planten.
In de Plantsoenendienst werkte Landwehr zich steeds hoger op en werd uiteindelijk Chef Buitendienst. Naast zijn dagtaak wijdde hij zich ’s avonds en in zijn vrije tijd vooral aan het tekenen en schilderen van de wilde flora. Hij reisde in zijn vakanties heel Europa door op zoek naar orchideeën, fotografeerde ze en maakte thuis met behulp van dia’s fraaie aquarellen die in zijn boeken werden gereproduceerd.
Vooral later in zijn leven heeft Landwehr veel waardering gekregen, zowel voor zijn praktische kennis op het gebied van aanleg en onderhoud van heemparken als voor zijn wetenschappelijke werk. In 1972 werd hem de Heimans- en Thijsseprijs toegekend en in 1985 ontving hij het eredoctoraat in de wiskunde en natuurwetenschappen van de Universiteit van Amsterdam.
In 1975, na zijn pensionering verhuisde hij in 1975 naar Frankrijk. Landwehr zette het tekenen en aquarelleren van wilde planten voort. Zo zag ik hem in 1995, toen ik hem voor het laatst bezocht, wonend temidden van fraaie kalkgraslanden met in de vijver bij zijn huis een begroeiing van krabbescheer, een herinnering aan Amstelveen.
Doordat Hein Koningen lange tijd bij de Plantsoenendienst onder Landwehr heeft gewerkt, heeft hij hem goed leren kennen. Hij kon als geen ander deze biografie schrijven. Uitgebreid gaat de auteur in op de diverse facetten uit het interessante leven van Landwehr. Het is meer dan alleen een biografie geworden, want het beschrijft ook de historie van de Amstelveense heemparken en van de gemeentelijke Plantsoenendienst. Een belangrijke publicatie over een van de nestors van de heemtuinbeweging en aanbevolen voor iedereen die in heemparken geïnteresseerd is.
(Ger Londo)